Bartling's Peper

Christopher Columbus (1451-1506), op weg naar 'de Oost' ontdekte dat het Amerikaanse continent vervelend in de weg lag. Hij was op zoek naar een (hopelijk) kortere route om op die manier de Arabieren, Venetiërs en (in mindere mate) Genuezen te slim af te zijn. Die hadden de handelsroutes voor specerijen als peper (piper nigra) in bezit en dus moest er een list verzonnen worden: de andere kant opvaren. Columbus vond dus geen peper, maar er groeiden wel degelijk een aantal familieleden op dat continent. Een aantal hebben we al eerder besproken, zoals de Mexicaanse bladpeper (Piper auritum), de wilde peper (Piper amalago), de puntige peper (Piper aduncum) en anijsblad (Piper marginatum).
Maar daarmee is de peperfamilie in die contreien nog niet volledig beschreven, want er groeit ook nog een familielid die in ons taalgebied nog naamloos door het leven gaat. In Engelstalige landen noemt men hem Bartling's Pepper en dus is Bartling's Peper (Piper bartlingianum) een acceptabele benaming. In de straattaal van Suriname noemt men deze pepersoort kulakatinga[1].

Bartling's peper gedijt in vochtige tropische bossen van Midden- en Zuid-Amerika. De plant staat bekend om zijn bladeren die tot 15 centimeter lang kunnen worden. Deze bladeren hebben een glanzend groene tint en zijn vaak licht behaard aan de randen. De stengels van de plant zijn slank en kunnen enkele meters lang worden, waardoor het een karakteristieke klimplant is die in en over bomen of andere planten kan klimmen. De onopvallende bloemen zijn klein, staan in langwerpige aren.

De plant wordt vooral herkend aan zijn aromatische bladeren, die na kneuzing een geur en smaak hebben die lijken op die van zwarte peper. Die pikante eigenschappen van het blad kunnen sommige herbivoren afschrikken, terwijl het bestuivers aantrekt met de kleine bloemen.

Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Piper, is via het Oudgrieks en het Perzisch terug te voeren op een oeroud woord uit het Sanskriet, waar pippali ‘lange peper’ betekende. Het tweede deel, bartlingianum, eert de Duitse botanist Friedrich Gottlieb Bartling (1798-1875). Ook het hele plantengeslacht Bartlingia uit de familie Rubiaceae is naar hem vernoemd.

Traditioneel wordt Bartling's Peper gewaardeerd om zijn culinaire en medicinale toepassingen. De aromatische bladeren kunnen worden gebruikt om gerechten op smaak te brengen en geven een milde peperachtige smaak, vergelijkbaar met die van zijn bekendere verwanten. Daarnaast hebben inheemse culturen verschillende delen van de plant gebruikt vanwege hun potentiële therapeutische eigenschappen, waaronder ontstekingsremmende effecten.

Overigens bleef Columbus tot aan zijn dood stijfkoppig volhouden dat hij wel degelijk Azië had bereikt.

[1] Tinde van Andel en Sofie Ruysschaert: Medicinale en rituele planten van Suriname - 2011

Geen opmerkingen:

Een reactie posten