De velddruif (Cissus quadrangularis) is een vaste plant uit de wijnstokfamilie. De plant staat algemeen bekend als 'veldt grape', 'winged treebine' of 'adamant creeper'. Omdat deze soort geen geaccepteerde Nederlandse benaming heeft, heb ik de meest bekende Engelse naam maar vertaald. In India noemt men hem hadjod.
De velddruif is een groenblijvende, snelgroeiende klimplant die zich met ranken vasthecht en tot vijf meter hoog en een halve meter breed kan uitgroeien. De vlezige takken hebben een opvallend vierkante doorsnede; de internodiën meten 8 tot 10 centimeter in lengte en 1,2 tot 1,5 centimeter in breedte, terwijl langs elke hoek een leerachtige rand loopt. Bij de knopen verschijnen getande, drielobbige bladeren van 2 tot 5 centimeter breed, en aan de tegenoverliggende zijde van elke knoop ontspringt telkens een rank. De plant vormt trossen met kleine witte, gelige of groenachtige bloemen; de bolvormige bessen kleuren bij rijpheid helderrood.
De plant is winterhard en gedijt op lichte (zandige), middelzware (leemachtige) en zware (klei) gronden, mits deze goed waterdoorlatend zijn. Hij groeit zelfs op voedselarme bodems en verdraagt pH-waarden van zuur tot neutraal en basisch (alkalisch), inclusief zeer zure en zeer alkalische omstandigheden. Schaduw verdraagt hij niet. Hij prefereert droge of vochtige grond en is bestand tegen droogte.
Door deze eigenschappen komt de velddruif van nature voor in savannes, droge loofbossen en semi-aride gebieden, van zeeniveau tot ongeveer 2000 meter hoogte. De soort is inheems in Afrika (grote delen van tropisch en zuidelijk Afrika, inclusief Madagaskar), op het Arabisch Schiereiland en delen van Zuid-Azië (India, Sri Lanka, Bangladesh, Myanmar e.d.). In delen van Zuidoost-Azië (zoals Thailand, Vietnam, Indonesië en de Filipijnen) is hij verwilderd.
Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Cissus, is afgeleid van het Oudgriekse kissos (κισσός), dat 'klimop' betekent en verwijst naar de klimmende groeiwijze. Het tweede deel, quadrangularis, is Latijn voor 'vierhoekig' en beschrijft de opvallende vorm van de stengels.
De plant bevat een grote hoeveelheid vitamine C, caroteen, een (nog onbekende) anabole steroïde-achtige stof, alsmede calcium.
De verhalen gaan dat de velddruif al sinds de oudheid als geneeskrachtige plant wordt gebruikt. Deze soort is in diverse klassieke ayurvedische geneesmiddelen toegepast voor het herstel van botbreuken en letsel aan gewrichtsbanden en pezen. In de siddha-geneeskunde wordt de plant beschouwd als tonicum en pijnstiller; men gelooft dat hij bijdraagt aan het genezen van botbreuken, waaraan hij in het Sanskriet de naam asthisaṃharaka dankt (asthi is 'bot' en saṃharaka is 'samentrekken', 'samendrukken' of 'sluiten'). Ook de bevolking van Assam en sommige bevolkingsgroepen in Bangladesh gebruiken de velddruif bij botbreuken.
Maar wat zegt de wetenschap over deze claims? Een onderzoek bij ratten leek aan te tonen dat een extract van de velddruif botverlies kan voorkomen[1]. Een ander onderzoek onder honden leek aan te tonen dat een botbreuk sneller heelde als een extract met velddruif aan het voer werd toegevoegd[2]. Maar ondanks al het onderzoek in (vooral) India blijkt men nog maar bitter weinig te begrijpen van de velddruif[3].
[1] Potu et al: Evidence-based assessment of antiosteoporotic activity of petroleum-ether extract of Cissus quadrangularis Linn. on ovariectomy-induced osteoporosis in Upsala Journal of Medical Sciences – 2009. Zie hier.
[2] Deka et al: Effect of Cissus quadrangularis/s in Accelerating Healing process of Experimentally Fractured Radius-Ulna of Dog: A Preliminary Study in Indian Journal of Pharmacology – 1994.
[3] Bafna et al: Cissus quadrangularis L: A comprehensive multidisciplinary review in Journal of Ethnopharmacology – 2021.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten